Deze norm behandelt de symbolen voor het aangeven van veiligheidsvoorzieningen op ontruimings- en aanvalsplattegronden. Naast de aanwijzingen voor het gebruik van symbolen bevat de norm ook eisen voor de inrichting en het ontwerp van deze plattegronden. Verder bevat de norm informatie over het maken van veiligheidsplattegronden.
De norm is van toepassing voor plattegronden die onderdeel uitmaken van:
· Ontruimingsplannen (vluchtplannen). Deze plannen dienen als informatie voor bezoekers en personeel.
· Aanvalsplannen voor het gebruik door de brandweer of andere hulpverlenende instanties.
· Bedrijfsnoodplannen voor gebruik door gebouwbeheerders of gebruikers.
Bij het opstellen van deze norm is gekozen voor duidelijkheid en éénduidigheid. In het verleden kwamen de, op de ontruimingsplattegronden symbolen niet overeen met de symbolen zoals ze daadwerkelijk op de vluchtweg- en brandpreventiemarkeringen binnen het gebouw waren toegepast. Men was echter van mening dat voor de herkenbaarheid en het begrijpen van de aangegeven informatie dit wel noodzakelijk was. Om deze reden zijn de symbolen zoals nu vermeld moeten worden op de ontruimingsplattegronden gelijk aan de, in het gebouw, toegepaste markeringen.
Op de ontruimingsplattegronden is overbodige informatie niet gewenst. Alleen informatie die nodig is voor het op een juiste wijze ontruimen van het gebouw is voldoende.
Eventuele instructies “hoe te handelen bij brand of ongeval” moeten op de ontruimingsplattegrond vermeld worden of in de directe nabijheid van de plattegrond opgehangen worden.